“Filosofie is ooit begonnen op straat”

Uit het herfstnummer van 2019

Durf alles te bevragen. Dat is het advies van filosoof en schrijver Lammert Kamphuis. Elke dag spreekt hij ergens over filosofie en helpt hij anderen bij het stellen van vragen. Door te filosoferen en vragen te stellen blijf je in gesprek met elkaar, meent hij, en leer je anderen begrijpen.


Tekst: Stefan Popa
Fotografie: Yvette Wolterinck

Aanklooien

Een meerkoet laat zich meevoeren door de stroming van het IJ. Lammert Kamphuis rondt een laatste telefoontje af voordat hij zijn vaste café aan het water binnenstapt. De dag wordt op stoom gebracht met cappuccino’s en verse muntthee. Er wordt een doekje over de lege tafels gehaald. “Hoe staat het met het leven?”, vraagt de eigenaar aan een gast. Eigenlijk is dat bij uitstek een vraag voor Kamphuis. Als filosoof staat hij dagelijks op podia om zijn kijk op het alledaagse te delen. Hij leeft van de filosofie. “Ik wil delen wat ik heb ontdekt. Het is goed om dingen die je denkt te weten, te betwijfelen. Dat is een avontuurlijke manier van leven.” Het is tegenwoordig heel makkelijk om in je eigen gelijk te blijven vastzitten, vindt hij. Door filterbubbels en de media die constant twee extremen tegenover elkaar zetten, waardoor het midden braak blijft liggen. “Ik zou het mooi vinden als mensen meer uitgedaagd worden om te twijfelen aan hun eigen zekerheden. Eigenlijk klooien we allemaal maar wat aan. Soms werkt iets, soms niet. Laten we daar eerlijker over zijn. Durf jezelf tot rust te twijfelen.”

 

“Het is goed om dingen die je denkt te weten, te betwijfelen. Dat is een avontuurlijke manier van leven”

In de samenleving zijn we niet zo op zoek naar mensen die vragen stellen. Wel naar mensen die kordaat zijn en zelfverzekerd. Misschien wordt er op scholen te weinig aandacht besteed aan levensvragen. “Op school leren we alles, behalve de dingen die er écht toedoen. Hoe ga je om met liefdesverdriet en tegenslagen? Dat zijn vaardigheden die van belang zijn in het leven.”

Wie ben ik eigenlijk?

De grote vraag is natuurlijk: waarom dit leven? “Ik vind zelf het beeld van de Spaanse filosoof Ortega y Gasset erg mooi: het leven is als wakker worden op een podium, terwijl het toneelstuk al is begonnen. Dan denk je: waar ben ik in terecht gekomen? Wie ben ik eigenlijk?” Kamphuis groeide op in een streng gereformeerd milieu waar op veel van die vragen al een antwoord in steen stond gebeiteld. “Tijdens mijn studie theologie dacht ik: ik kan me niet voorstellen dat dit de enige antwoorden zijn.” Uitstappen was een heel ingrijpende keuze.


“Er waren eigen scholen, een politieke partij, een krant. Het was echt een zuil.” Breken betekende dus ook echt breken. Kamphuis verloor zijn baan, zijn relatie en ook vriendschappen. “Maar ik ben geen slachtoffer van mijn jeugd”, zegt hij stellig. Die gedachte dient geen enkel nut. Hij wil geen boze ex-gereformeerde zijn. “Ik heb juist veel geleerd door mijn jeugd.” Hij verloor veel, maar kreeg er vrijheid van denken en handelen voor terug. “Hoe hoog de prijs ook was, het was het wel waard.”

André Hazes

Iedereen leeft een weergaloos leven, meent Kamphuis. In de zomer van 2018 verscheen zijn boek, Filosofie voor een weergaloos leven. Bij het woord weergaloos moet absoluut niet gedacht worden aan fenomenaal of ongekend. Met een weergaloos leven wil hij slechts benadrukken dat het leven eenmalig is. Zonder enige voorbereiding zitten we met het leven opgescheept – en het leven met ons. “Ik schreef het grootste gedeelte van het boek precies aan dit tafeltje”, zegt Lammert, gebogen over de thee. Hij streelt het tafelblad en is zichtbaar blij dat hij mag praten over zijn werk: “Filosofie is ooit begonnen op straat. Je hebt er niets voor nodig, behalve je hoofd.” In zijn boek combineert hij het werk van filosofen met concrete oefeningen, Netflix en André Hazes. “Ik heb Hazes vaak aanstaan in de auto. Lekker om mee te zingen. Maar toch, thema’s waar de Griekse filosofen over schreven, kunnen zo terugkomen uit de mond van Hazes.”

 

“Op school leren we alles, behalve de dingen die er écht toe doen”

Is er een regel van een filosoof – Hazes of een ander – die hij op zijn onderarm zou tatoeëren als het moet? “The whole problem with the world is that fools and fanatics are always so certain of themselves, and wiser people so full of doubts, van Bertrand Russell vind ik mooi. Past dat?” Kamphuis komt minstens één arm te kort: “J.C. Bloem raakt me ook: ‘Alles is veel voor wie niet veel verwacht’. Of Epictetus: ‘Het zijn niet de dingen die ons in verwarring brengen, maar onze denkbeelden daarover’. Lastig, haha! Ik vind nu iets mooi, maar op een gegeven moment ga ik natuurlijk twijfelen. En dan staat het voor altijd op mijn arm.”

Voorstellen

Mindfulnesscentra, yoga, meditatie, de toename van burn-outs: mensen zijn tegenwoordig op zoek naar meer rust. “We leven in een prestatiemaatschappij. Werk is zo’n groot onderdeel van onze identiteit geworden.” Hij neemt een slok verse muntthee en zet een gedachte-experiment in: hoe stel je jezelf bijvoorbeeld voor? “Ik ben Lammert, ik ben filosoof en ik geef lezingen. Daar ga je al… Werk wordt zo belangrijk gemaakt! In Mozambique rust je doordeweeks uit voor het weekend, want dan ga je met familie en vrienden dingen doen die er echt toedoen. Maar in Nederland rust je in het weekend uit voor de week erop.” Als oefening vertelt Kamphuis op feestjes niet meteen over zijn werk, als iemand vraagt naar wat hij doet. Hij neemt de proef op de som: “Ik voetbal elke vrijdagavond en train voor een marathon… Of ik kan ook vertellen over mijn vrienden. Wie ben ik? Ik ben de beste vriend van...


Dat zegt óók iets over mij en mijn identiteit.” In de huidige samenleving leeft de opvatting dat succes en geluk keuzes zijn. Wie hard genoeg werkt, kan alles worden. Maar is dat ook zo? “Het is nuttiger om te kijken wat je wel én niet kan. We moeten vaker tegen onze jongeren durven zeggen: joh, dit kun je gewoon niet zo goed. Dat gaan ze later in het leven ook vaak horen. Dat geeft rust.”

Filosoferen is gezond

Lammert Kamphuis (1983) 

is filosoof en schrijver. Hij spreekt bij bedrijven en tijdens congressen over hoe oude en nieuwe filosofen iedereen kunnen bijstaan in het alledaagse leven.

Ook is hij regelmatig te gast bij mediaprogramma’s op radio en televisie om de actualiteit toe te lichten aan de hand van de filosofie. Zijn boek, Filosofie voor een weergaloos leven, is inmiddels een besteller. Op dit moment werkt hij aan een vervolg, ongetwijfeld aan zijn vaste tafel in het café aan het IJ.

Zie ook: lammertkamphuis.nl

Filosofie kan troosten. “Als ik een zwaarmoedige tekst van Schopenhauer lees, dan voel ik me getroost. ‘Het leven is een storende episode in de rest van het gelukzalige niets.’ Of je denkt na het lezen: ik ben niet de enige die het leven soms zwaar vindt. Of je denkt, nou, zo erg is het ook weer niet.” Is filosofie dan een medische kunst voor de ziel, zoals Cicero schreef, een manier om onszelf te genezen? “Filosofie kan zeker helpen om vrijer te worden in je vriendschap of in je werk. Om te kijken wat voor ongezonde gedachten je hebt. Het helpt om betere gesprekken te hebben, om tot creatieve ideeën te komen. Filosoferen is gezond. Niet dat het je leven fantastisch zal maken; het is geen superkracht. Maar je kunt door te filosoferen wel ontdekken welke ideeën of verlangens jou in de weg zitten en welke je helpen.”


Kamphuis wandelde ooit voor een belangrijke beslissing over een begraafplaats. “Vanuit het perspectief van mijn eigen eindigheid besefte ik wat wel en niet belangrijk voor me was.” Om met verlies om te gaan, raadt Kamphuis de premeditatie van de Stoïcijnen aan. Dit houdt in dat je mogelijke verliezen inbeeldt. “Tijdens voetbalwedstrijden bel ik vaak met mijn vader. Maar door te premediteren maak ik me ook op voor het moment dat dat niet meer kan. Daardoor geniet ik meer van ons contact nu en bereid ik me voor op het feit dat mijn vader er op een dag niet meer is.”

Overbodig

De mens is een spelend wezen, stelt Kamphuis. Het is typisch aan de mens dat we veel tijd besteden aan zaken die niet per se noodzakelijk zijn. “Het is niet per se nodig om voetbal te kijken en op te gaan in een wedstrijd. Het is niet nodig dat er een magazine als Vandaag bestaat, of dat je muziek luistert. Maar juist al die dingen die niet nodig zijn, kunnen misschien wel dingen zijn die het leven betekenisvol en waardevol maken.” Zijn advies: doe niet alleen dingen om een doel te bereiken. In lol zit veel betekenis. Er is geen generale repetitie voor dit leven. Blijf spelen.

Ieniemieniemensje

In het leven vertrouwt Kamphuis… op het leven zelf. “Dat we onderdeel zijn van dit hele gebeuren. Het leven is al miljoenen jaren bezig. Als jij en ik weg zijn, blijft de boel gewoon doordraaien. Het is een voorrecht om hier even deel van uit te mogen maken. Dat is toch fantastisch? Dat voel ik sterk wanneer ik middenin de natuur sta. Wauw, ik ben ook maar een ieniemieniemensje. Het maakt mij niet nietig, maar juist trots: ik mag hierbij horen.” De meerkoet die voorbij zwemt, heeft geen weet van het leven. Maar toch hoort ook die watervogel erbij.

 

“Juist al die dingen die niet nodig zijn, zijn misschien wel dingen die het leven betekenisvol en waardevol maken”

Verwondering als levenshouding. Door dingen te bevragen blijft Kamphuis altijd nieuwsgierig. “Het gaat over het algemeen goed met mij als ik me kan verwonderen.” In het beleven en doorleven van vragen zit de waarde van filosofie. Kamphuis wil mensen niet achterlaten met meer antwoorden, maar met betere vragen. “Misschien is de zin van het leven wel dat we met elkaar aan het zoeken zijn naar wat voor iedereen persoonlijk de zin van het leven is. Dat we daar met elkaar over kunnen praten.”