Vanwege de maatregelen tegen verspreiding van het coronavirus zijn er tot 1 juli geen erediensten en andere bijeenkomsten. Voor meer informatie zie apgen.nl/coronavirus.

Herdenken vraagt om actief aan jezelf te werken

Geplaatst op 29 januari 2020

Maandag was het precies vijfenzeventig jaar geleden dat het Sovjetleger vernietigingskamp Auschwitz bevrijdde, en werden de slachtoffers van de Holocaust en andere genocides herdacht.

Emile Schrijver, directeur van het Nationaal Holocaust Museum, vraagt zich in een opiniestuk in het Parool terecht af of we tegenwoordig wel voldoende ons best doen te leren van de toen gepleegde gruweldaden. “Wat zijn we nu precies aan het herdenken met z’n allen? En waartoe?”

Ceremonieel herdenken

2020 wordt een jaar waarin we meer dan normaal stilstaan bij de verschrikkingen uit ons (oorlogs)verleden. Een geschikt jaar om ook eens bij het herdenken zélf stil te staan. Hoe herdenken we, wat betekent herdenken en op wat voor manieren kunnen we herdenken?

Doorgaans herdenken we op een ceremoniële wijze, vanuit het besef dat we de herdachte verschrikkingen ‘nooit weer’ willen. Zo proberen we een gemeenschappelijke morele voorstelling van de wereld te herstellen in het heden, na de vernietiging daarvan in het verleden. ‘Auschwitz’ was moreel ondenkbaar, het moreel ondenkbare gebeurde tóch, en diende voortaan herdacht te worden opdat het moreel ondenkbare niet opnieuw zal plaatsvinden.

Lichamelijk herdenken

‘Nooit weer’ kan zo een bezweringsformule worden, maar er zijn ook andere invullingen mogelijk. Filosoof Simon(e) van Saarloos wijst in het boek Herdenken herdacht op de belofte die we tijdens herdenken (kunnen) doen, om in de praktijk waar te maken dat dit verleden zich niet zal herhalen. Het draait hier om daadwerkelijk werken aan een waardige wereld door aan jezelf en je houding tot anderen te werken.

 

“Bij lichamelijk herdenken beschouw je geschiedenis niet als een afgesloten geheel, maar als iets dat doorwerkt in jezelf, in het heden”

Van Saarloos zet visueel herdenken (in gedachten en beeld) tegenover wat zij ‘lichamelijk herdenken’ noemt. ‘Nooit weer’ betekent in het geval van lichamelijk herdenken dat je fascisme niet in je lijf wilt, dat je niet zo wilt worden of zijn en daar ook verantwoordelijkheid voor neemt. Bij lichamelijk herdenken beschouw je geschiedenis niet als een afgesloten geheel, maar als iets dat doorwerkt in jezelf, in het heden. Het spreekt dus niet vanzelf dat fascisme overwonnen is; we moeten de werking ervan in onszelf en in de maatschappij actief tegengaan en voorkomen.

Lichamelijk herdenken is niet gebonden aan specifieke herdenkingsdagen. Het is een doorlopend proces. Dat heeft als voordeel dat er geen schaarste en competitie is tussen te herdenken verhalen. De gedachte dat we niet alles kunnen herdenken, of dat sommige verhalen belangrijker zijn dan andere, wordt minder leidend als er dagelijks ruimte voor herdenken is. Op die manier kan herdenken meerdere vormen aannemen.

Herdenken via het geven van voornamen

Zo heeft mijn oma haar kinderen na de oorlog Joodse namen gegeven, hoewel zijzelf en haar man geen Joodse achtergrond hadden. De katholieke familie van mijn oma was er sterk op tegen, maar ze ‘vergat’ gewoon hoe je je kinderen behoorde te benoemen. Dit was haar manier van herdenken. Mijn moeder werd vernoemd naar Judith, het gedeporteerde en omgekomen Joodse vriendinnetje van mijn oma. Ik heb altijd veel ontzag voor haar beslissing gehad en heb mezelf weleens de vraag gesteld of ik mijn kinderen tegenwoordig een gestigmatiseerde voornaam zou durven geven. Ik ben er nog niet over uit.

 

“Op de voordeur van mijn oma werden in de jaren ’60 hakenkruizen gekalkt”

Recentelijk vertelde mijn moeder dat zij en haar broer en zus tijdens hun jeugd in de jaren ’60 antisemitische incidenten hebben meegemaakt vanwege hun Joods klinkende voornamen. Sommige buurtbewoners waren ervan overtuigd dat ze Joods waren. Er werden hakenkruizen op hun voordeur in de Beemsterstraat in Amsterdam gekalkt. Herdenken via voornamen bleek consequenties te hebben; het verleden keerde terug in het heden. Enerzijds waren dit negatieve ervaringen, anderzijds heeft mijn moeder zich mede hierdoor altijd sterk verbonden gevoeld met gestigmatiseerde groepen.

Herdenken kan op veel meer manieren dan we denken. Moge 2020 daarom een jaar worden van experimenteel herdenken, opdat de zwarte kanten van de geschiedenis zich niet (in ons) herhalen.

 


 

 

Stephan Huijboom


Stephan Huijboom

Filosoof en opiniemaker bij het Apostolisch Genootschap

 

 

 

Dit artikel verscheen ook op Het Parool