De Stroom februari


Ga direct naar:

Training gv's.jpgLeren om aandachtiger aanwezig te zijn

Hoe geef je invulling aan de geestelijke verzorging en hoe zorg je voor verdiepende vieringen? Rond die vragen volgden districtsvoorgangers en enkele anderen vijf leerdagen. Met wat zij daar leerden, trainen zij nu op hun beurt geestelijk verzorgers in het hele land.

De leerdagen zijn gebaseerd op het boek De kunst van het pelgrimeren van Hans Alma. Op basis daarvan zijn vier brochures gemaakt voor de trainingen:

  1. De geestelijk verzorger als representant van het heilige
  2. Present zijn en oefenen in aandacht
  3. Verbeelding als werkzame en verbindende kracht
  4. Werken met bronnen

Twee docenten van de School voor Religie en Theologie van de Vrije Universiteit verzorgden de leerdagen. Jill Eekhart, die samen met Christine Vis voorganger is van het district Amstelveen, vertelt hoe zij de training in hun district aanpakten.

Spannend

'Eerst vroegen we de geestelijk verzorgers wanneer een training hen het beste zou uitkomen. Sommigen hadden voorkeur voor één hele zaterdag, anderen deden het liever op twee avonden. Vervolgens hebben Christine en ik het programma voor de cursus Present zijn en oefenen in aandacht op maat gemaakt voor ons district. Wie behandelt welk onderdeel? Welke voorbeelden van onze eigen ervaringen gebruiken we ter verduidelijking? Hoeveel tijd hebben we per onderdeel nodig? Een training voorbereiden vraagt tijd en aandacht. En dan is het spannend: pakt het goed uit wat je samen bedacht hebt?'

Ontmoeting en verdieping

‘De trainingen hebben tot mooie en verdiepende ervaringen geleid. Natuurlijk gaat het om inhoud, vaardigheden en persoonlijke ontwikkeling. Maar daarnaast is het een mooie kans voor geestelijk verzorgers om elkaar te ontmoeten, ook over de grenzen van hun eigen gemeenschap heen. Dat gold trouwens ook voor Christine en mij. Inspiratie, verdieping en verbinding zijn voor mij de woorden die deze leerdagen samenvatten.’

Ervaringen uit de praktijk

Eric de Haan, geestelijk verzorger in Bussum, nam deel aan een leerdag. De redactie stelde hem wat vragen.

Wat vond je mooi?
'Het samenkomen met mensen uit het district die je steeds beter leert kennen. En vooral het luisteren naar elkaars ervaringen. De oefeningen hielpen daar echt bij. Ik vind het ook mooi dat er zoveel aandacht is voor onze training, met praktische oefeningen en brochures. De training Present zijn en oefenen in aandacht vond ik heel praktisch, eigenlijk makkelijker te volgen dan de eerste leerdag over het begrip 'heilige' (De geestelijk verzorger als representant van het heilige, red.). Die was voor mij wat abstracter.'

Wat was een eyeopener?
'Het stuk in de brochure over het verschil tussen de middeleeuwen en nu (pag. 8, red.) in hoe we onze zintuigen gebruiken. We leven in een digitale tijd. Dan is het interessant om even terug te kijken naar vroeger. Het maakt me ervan bewust dat ik ook nu soms terug kan gaan naar iets tastbaars. Bijvoorbeeld een handgeschreven kaartje sturen in plaats van een appje of e-mail. Of mijn gedachten ordenen op een vel papier met een mindmap in plaats van dit op de PC te doen. Dus schrijven met een pen in plaats van met een toetsenbord.'

Waarmee ga jij aan de slag?
'De tip om te denken aan drie vormen van aandacht: aandacht voor de ander, aandacht voor het heilige en aandacht voor jezelf. Dat geeft mij houvast bij het voorbereiden van een eredienst. Heilig is voor mij datgene wat voor mensen van diepe waarde is, een helende kracht.'

Wat neem je vooral mee?
'Een mooie oefening was dat we een gesprek dat we eerder hadden gevoerd opnieuw moesten bekijken. Hoe ging dat eigenlijk? Heb je de ander echt ruimte gegeven? Dat soort reflectie helpt. Voor mij is het een uitdaging om ook in korte ontmoetingen even de tijd te nemen voordat ik reageer.'

Blijven leren

De leerdagen laten zien hoe waardevol het is om samen te oefenen, te delen en te reflecteren. Zo blijven geestelijk verzorgers zich ontwikkelen.

Ben je benieuwd naar de brochures? Klik op deze link. Of ga naar apgen.nl, log in, ga naar Vindplaats (onder Snelle links), vervolgens naar Geestelijke verzorging (onder Mijn community's en apps) en dan naar Geestelijke zorg (onder Snelle links). Daar vind je alle brochures.


Samen zingen verbindt - dat merkte het koor in Nijmegen meteen

Voor de Vredesweek nodigde het zangkoor van de gemeenschap Nijmegen nieuwe mensen uit om mee te zingen. Wat begon als een eenvoudig idee, groeide uit tot een warme ervaring, voor het koor en voor de mensen die aansloten. Dirigent Marit Lijnse vertelt hoe het ging.

Marit: "Hans Slavenburg, een van onze koorleden, is betrokken bij de Vredesweek. Er zou een korenfestival komen en het leek Hans mooi om daar als koor aan mee te doen. Dat idee hebben we aan de zangers voorgelegd. Iedereen was meteen enthousiast. Toen dachten we: laten we ook anderen uitnodigen om mee te zingen."

Oproepje koor Nijmegen in De Brug.jpg

Oproep in de krant

“We plaatsten een oproepje in de krant, verspreidden flyers en vroegen de zangers of zij mensen uit hun eigen omgeving wilden vragen. Uiteindelijk sloot een tiental mensen aan: via het krantenbericht en via persoonlijke contacten.”

Samen instuderen

“Ik koos liederen die wij als koor al goed kenden. Dat maakte het instuderen voor nieuwe zangers makkelijker. Tijdens de repetities vroeg ik hen tussen de koorleden te gaan zitten, zodat ze als het ware konden ‘meeliften’. We hadden vier repetities voor de Vredesweek. Na de uitvoering vroeg een van de nieuwe zangers of we ook iets voor kerst konden doen. Dat leek ons een mooi idee. Vanaf oktober tot kerst hebben we samen gerepeteerd. De repetities verdeelden we in twee delen: eerst voor kerst, daarna voor de reguliere zondagen. Wie wilde kon bij het tweede deel blijven; één iemand deed dat ook.

Het had nog een mooi effect: op kerstavond kwamen er extra bezoekers. Familie, vrienden en kennissen van de nieuwe zangers kwamen luisteren.”

Teksten die raken

"De nieuwe zangers vertelden dat ze geraakt werden door de teksten van de liederen. We zongen bijvoorbeeld Duurzame vrijheid met de zin 'Hoe komt een mens van ik naar wij'. Ook liederen als Blijf dicht bij de liefde, Mensen gevraagd, Meer dan het gewone, Beetje betere wereld en Zolang de liefde maar blijft winnen spraken hen aan.

Tijdens de uitvoering zag ik veel blije gezichten. De zangers waardeerden de positieve en enthousiaste manier van repeteren. Twee zangers zijn bij het koor gebleven. De een komt op hoogtijdagen naar de dienst. De ander is sympathisant geworden en voelt zich helemaal thuis in het koor en de gemeenschap."

Tips van Marit

"Als je anderen wilt uitnodigen mee te zingen, maak het dan een gezamenlijk keuze. Onze zangers stonden er allemaal achter en wilden het graag. En maak ruimte voor ontmoeting. We sloten het Vredesweekproject af met een extra repetitie en koffie. Mensen zoeken ook naar gemeenschapszin. Wees vooral open en geïnteresseerd. En wees ruimhartig, geef de mensen bijvoorbeeld een eigen koorboek."

Nieuwe verbindingen

Een open uitnodiging, een warm welkom en liederen die raken: meer is soms niet nodig om nieuwe verbindingen te laten ontstaan. Misschien klinkt er binnenkort ook in jouw gemeenschap een stem bij...


palmpaas_nwsbrief.jpgPalmpaasontmoeting

Zondag 29 maart is de Palmpaasontmoeting in theater Orpheus, Apeldoorn. Het voorprogramma start om 14.10 uur, de eredienst begint om 14.30 uur. Misschien heb je je aangemeld en ben je live aanwezig. Je kan de ontmoeting ook online volgen. Dat kan via onderstaande links:

Op de website vind je meer informatie over het programma.


Ambassades van Vrede zetten zich in voor verbinding

In veel plaatsen in Nederland zetten mensen zich lokaal in voor vrede, dialoog en verbinding. Dat gebeurt onder andere via de Ambassades van Vrede, een netwerk van initiatieven dat wordt ondersteund door vredesorganisatie PAX.

Een Ambassade van Vrede is geen formele organisatie, maar een netwerk van betrokken inwoners en organisaties. Zij organiseren activiteiten rond vrede, ontmoeting en bewustwording – met name tijdens de jaarlijkse Vredesweek, maar ook op andere momenten in het jaar. Denk aan lezingen, ontmoetingen, herdenkingen of activiteiten die mensen met verschillende achtergronden met elkaar verbinden.

Gemeenschappen actief betrokken

Binnen het Apostolisch Genootschap hebben inmiddels al veel gemeenschappen zich aangesloten bij een Ambassade van Vrede. In 2025 waren 21 gemeenschappen hierbij actief betrokken.

Meedoen of zelf een Ambassade starten

Ben je nieuwsgierig of dit ook iets voor jouw gemeenschap of stad kan zijn? Nieuwe initiatieven zijn van harte welkom. We denken vanuit het programmateam Maatschappelijke Betrokkenheid graag mee als je interesse hebt om je aan te sluiten bij een Ambassade van Vrede of om er zelf één op te starten. Je kunt je melden via mb@apgen.nl. Samen kijken we wat er lokaal al gebeurt en hoe we elkaar kunnen versterken.


Bloeiende gemeenschappen: hoe doen we dat?

Hoe laten we onze gemeenschappen tot bloei komen? En wie helpt daarbij? We vragen het Edwin de Wit en Michel Post. Zij werken ieder op hun eigen manier aan de ondersteuning van gemeenschappen.

Edwin, naast je rol als districtsvoorganger en voorganger ondersteun je in het land ook gemeenschappen. Wat doe je daarvoor precies?
Edwin: ‘Samen met andere begeleiders sta ik naast gemeenschappen die vastlopen of zoeken naar een volgende stap. We beginnen altijd met goed luisteren: wat speelt hier echt? Van daaruit verhelderen we de vraag en kijken we welke begeleiding past om weer beweging en vertrouwen te brengen.’

Kunnen gemeenschappen zelf contact met jou opnemen?
Edwin: ‘Ja, graag zelfs. Samen met Jan Tolhuis, voorganger in Den Helder en bekend met herontwerp, ben ik het eerste aanspreekpunt. Gemeenschappen kunnen ons mailen*. We nemen de tijd voor een goed gesprek en zorgen dat de vraag helder wordt en op de juiste plek terechtkomt.’

Wanneer zit jouw werk er op in een gemeenschap?
Edwin: ‘Begeleiding is in principe tijdelijk. We blijven betrokken zolang het helpt om helderheid, beweging en vertrouwen te brengen. Als een gemeenschap weer zelf verder kan, ronden we af. En als het later opnieuw nodig is, weten ze ons weer te vinden.’

Michel, naast dat je voorganger bent in Limburg ondersteun je geestelijk verzorgers vanuit het Dienstencentrum. Wat houdt dat in?
Michel: ‘Vanuit het Dienstencentrum ben ik verantwoordelijk voor de ondersteuning van de geestelijk verzorgers in het hele land. Denk dan aan begeleiding, coaching en training. We hebben een online leeromgeving waar alle geestelijk verzorgers gebruik van kunnen maken. Samen met Nanda Ziere was ik kartrekker van de Kwaliteitsimpuls van de geestelijke zorg. Daarbinnen hebben Nanda en Marten een visie ontwikkeld op de geestelijke zorg. Geestelijk verzorgers kunnen nu kiezen waar ze affiniteit mee hebben. Nabijheid, bijvoorbeeld, of omgaan met levensvragen. Anderen richten zich op inspiratie in bijeenkomsten en erediensten. Vroeger moest je alles kunnen.’

Kunnen geestelijk verzorgers contact met jou opnemen met een vraag?
Michel: ‘Zeker, bijvoorbeeld als ze behoefte hebben aan een coach of andersoortige begeleiding. Of als ze het idee hebben dat hun kring vastloopt. Of als ze voor bepaalde cursussen in het online leercentrum willen volgen.’

Wanneer ben jij tevreden?
Michel: ‘Bijvoorbeeld als leden aangeven dat geestelijk verzorgers (nog) beter worden in aandachtig luisteren en vaardig(-er) om kunnen gaan met levensvragen, of een eredienst verzorgen die mensen raakt. Dan ben ik heel blij.
Speciaal voor het genootschap zijn vier brochures gemaakt aan de hand van het boek van Hans Alma De kunst van het pelgrimeren. De geestelijk verzorger als verbeeldingsprofessional. Op leerdagen brengen de districtsvoorgangers de inhoud van die brochures over op de geestelijk verzorgers. Zo brengen we samen de kwaliteit van de geestelijke zorg een stap verder.’

Edwin en Michel, wat adviseren jullie gemeenschappen? Wat is een goede tip?
Edwin: ‘Wacht niet te lang met hulp vragen. Je hoeft het niet alleen te doen. Samen leren is samen doen.’
Michel: ‘Probeer tijd te maken voor ontwikkeling, het loont altijd. En ik ben altijd bereid om mee te denken over wat bij jou als geestelijk verzorger past. Verder wil ik zeggen: blijf de vrijwillige inzet van mensen waarderen. Dat verliezen we weleens uit het oog.’

Contactgegevens begeleiders
Edwin de Wit edewit@apgen.nl
Jan Tolhuijs jtolhuijs@apgen.nl
Michel Post mpost@apgen.nl


Meerjarenvisie - leren van elkaar

Laat horen wat jouw gemeenschap doet met de Meerjarenvisie, zo riep de redactie op. Dit keer vertellen Yvonne Bouwman en Rob Jansen hoe gemeenschap Den Haag hiermee aan de slag ging. Zo leren we van elkaar.

Yvonne Bouwman: ‘Het was kort na corona. Ik zat naast een broeder die mismoedig constateerde dat in de gemeenschap Den Haag nog maar tien mensen over waren. Als door een adder gebeten antwoordde ik dat een aantal niets zegt over vitaliteit. Het raakte me dat vitaliteit werd gemeten in wat er niet meer was. En het waren er sowieso meer dan tien. Maar het was wel duidelijk dat we het erover moesten hebben: hoe kunnen we verder. Wat willen we eigenlijk? En wat kunnen we?’

Prachtige teksten

‘Neem het zangkoor. Er bleken vijftien liefhebbers van zingen te zijn die de eredienst willen ondersteunen. Sindsdien nemen we op de woensdag voorafgaand aan de eerste en derde zondag passende liederen door. We kunnen niet alle apostolische liederen op het repertoire houden, maar er zijn liederen genoeg. Van onze zij-instromers horen we regelmatig: “Wat zingen jullie prachtige teksten.” En ze zingen gewoon mee. Voor wie meer wil zingen zijn er ook regionale mogelijkheden: een zangzondag in Gouda, een kerstkoor met Zoetermeer en Delft en het projectkoor vanuit Leiden.’

Regionale agenda

Rob Jansen: ‘Ook op andere manieren zoeken we naar nieuwe vormen van ontmoeting. De vierde zondag vullen we bijvoorbeeld met een wandeling, film, gesprek of een activiteit met de kinderen. Dat gaat met wisselend succes. Veel mensen moeten nog wennen aan het idee dat zo’n vorm ook een volwaardige ontmoeting kan zijn. Voor dit jaar is er daarom een regionale agenda opgesteld vanuit de Verschilmakers, zodat we vaker samen optrekken en activiteiten beter kunnen voorbereiden. Ook mensen van buiten kunnen meedoen.’

Uit comfortzone

Yvonne Bouwman: ‘Het festival dat we een paar keer organiseerden in het Zuiderparktheater haalde ons al eerder uit onze comfortzone. Zo is het sindsdien ook steeds gewoner geworden om ons gebouw met anderen te delen. Er zijn trainingen van Dialoog Den Haag inclusief een maaltijd. Van hen leerden we er voldoende te eten is als je iedereen vraagt iets mee te nemen. De woningbouwvereniging organiseerde eens een koffieochtend voor bewoners van de flat naast ons gebouw. Dat was overigens geen groot succes. Maar elke zondagmiddag komt een groep Hindoestaanse stadsgenoten met muziek en gesprek de eenzaamheid luidruchtig verdrijven. Een bijzonder moment was toen Duurzaam Den Haag vanuit ons gebouw 170 regentonnen uitdeelde aan bewoners van stadsdeel Zuidwest. Al jaren nemen twee broeders deel aan het wijkberaad.’

Iederal-events en storytelling

Rob Jansen: ‘Tegelijk merken we dat er ook een groep leden is — grofweg tussen de dertig en zestig jaar — die weinig aansluiting vindt bij bestaande vormen van samenkomen. Voor hen zijn er nieuwe vormen. Bijvoorbeeld storytellingavonden in een boekhandel in het centrum. Dat idee kwam van een nieuwkomer en werd ondersteund vanuit het Dienstencentrum en Iederal. Het trekt jonge mensen tussen de twintig en dertig jaar en breidt zich uit. Ik mocht een keer meedoen en vergeet hun belangstelling nooit meer. Ook de Iederal-events in Den Haag worden goed bezocht.’

Meerjarenvisie en de omslag

Yvonne Bouwman: ‘Sinds de nieuwe Meerjarenvisie groeit het besef dat we een omslag moeten maken. In de zomer organiseerden we daarom een brainstorm over de eindejaarsvieringen. Binnen de gemeenschap bleken de wensen behoorlijk uiteen te lopen. Sommigen hadden het gehad met het christelijke kerstverhaal; anderen konden zich kerst zonder dat verhaal niet voorstellen. Daar rustig over praten en erop vertrouwen dat je er samen uitkomt, gaat niet vanzelf. Een musical bleek uiteindelijk niet haalbaar. Kerstavond hebben we traditioneel ingevuld. De eerste kerstdag werd een talentenfeest: verschillende broeders, zusters en jeugd gaven hun eigen invulling aan wat kerst en het einde van het jaar voor hen betekent — met muziek, tekst, een filmfragment, foto’s, humor en gebak bij de koffie. Ook zo’n samenkomst kan raken.’

Kijk naar wat er kan zijn

Rob Jansen: ‘Misschien is dit een belangrijke les: “Als je blijft doen wat je deed, krijg je wat je kreeg”. Daarom herinneren we elkaar eraan niet te kijken naar wat er was, maar naar wat er kan zijn. Wanneer we vanuit onze grondslag zoeken naar vormen om ons gedachtegoed met elkaar te delen en te beleven, ontstaat ruimte. En in die ruimte gebeuren soms onverwachte dingen. De verrassingen die we ervaren laten zich niet in aantallen meten.’

Oproep

Wat doet jouw gemeenschap met de Meerjarenvisie? Aan welke van de vijf ambities besteden jullie invulling? Wat werkt goed, wat kan anders? Wat zijn de plannen voor de langere termijn? Welke ondersteuning zou fijn zijn? Welk advies hebben jullie voor andere gemeenschappen? Mail lvgeest@apgen.nl voor plaatsing in één van de volgende edities nieuwsbrief De Stroom. 


Jan Stoop krijgt Herinneringskruis

Veteraan Jan Stoop (95) uit de gemeenschap Leiden ontving vrijdag 6 maart een Nieuw-Guinea Herinneringskruis. Het kruis werd door burgemeester Vroom overhandigd, uit naam van de minister van Defensie. Jan kreeg de onderscheiding als erkenning voor zijn militaire bijdrage aan de vredesmissie in Nieuw-Guinea in de jaren 50.

Burgemeester Vroom van Leidschendam-Voorburg decoreerde de veteraan die ook lid is van het Apostolisch Genootschap: “Het is een eer namens de minister de heer Stoop te mogen onderscheiden. Ik ben bijzonder trots op zijn inzet en het voorbeeld dat hij geeft aan onze gemeenschap. Zijn moed en toewijding tijdens de vredesmissie in Nieuw-Guinea verdienen onze blijvende waardering.”

Vredesmissie

Jan Stoop trad op 5 juli 1950, op 19-jarige leeftijd, in dienst als dienstplichtig soldaat bij het Regiment Huzaren van Boreel van de Landmacht. Na zijn opleiding werd hij soldaat en later korporaal. In 1954 vertrok Jan naar Nieuw-Guinea voor een vredesmissie, waarvan hij na anderhalf jaar terugkeerde.

Uitvaart met militaire eer

Jan Stoop: ‘Ik kijk met dankbaarheid terug op deze vormende periode die een blijvende invloed heeft gehad op mijn leven en identiteit. Mijn wens nu is om na mijn overlijden een uitvaart met militaire eer te krijgen in het gebouw van het Apostolisch Genootschap Leiden.’

Vele voetstappen

Karianne Barth, voorganger van Leiden: ‘Jan Stoop is een broeder die in onze gemeenschap een grote plaats had en nog steeds heeft. Hij was altijd heel actief. Hij zei laatst dat hij in ons gebouw heel wat voetstappen heeft liggen en alles gegeven heeft wat hij had. Daarom zou hij het ook zo mooi vinden als de plechtigheid na zijn overleden plaatsvindt in 'zijn' gebouw. Hij zegt dat hij minstens 100 jaar wordt, dus dan duurt het nog wel even.’
Een uitvaart met militaire eer van een lid van het genootschap, in een gebouw van het genootschap, is uniek.

Nieuw-Guinea Herinneringskruis

260306_Stooponderscheiding_EStuivenberg_WEB.webp

Met de uitreiking van het Nieuw Guinea Herinneringskruis wordt de inzet en toewijding van Jan Stoop alsnog officieel erkend. Het Nieuw-Guinea Herinneringskruis is bestemd voor Nederlandse militairen. Zij moeten tussen 28 december 1949 en 23 november 1962 minimaal drie maanden in dienst zijn geweest in het voormalige Nederlands-Nieuw-Guinea of de daaromheen liggende wateren. (Bron: Defensie)

Foto: Jan Stoop (95) met familie op de dag van de uitreiking van het Herinneringskruis.


Screenshot NieuwWij Marten van der Wal.pngNieuw Wij interviewt Marten van der Wal

Op de website van Nieuw Wij staat een interview met Marten van der Wal. Hij staat stil bij de oorlogen in Oekraïne en het Midden-Oosten en vraagt zich af hoe hij in liefde de aarde kan blijven bewonen te midden van zoveel geweld en onmacht.