‘In de natuur ervaar ik dat ik deel ben van iets dat mij overstijgt’

Dick de Vos (63) uit Leiden bracht dit jaar zijn twaalfde boek uit: Ode aan de nachtegaal. Hij schrijft over de passie die hij voor de natuur voelt, maar koppelt daaraan ook een religieus gevoel. “We moeten het contact met de natuur herstellen.” 

Dick_2.jpg

 “Na een studie literatuurwetenschappen ben ik gaan werken in de communicatie en als projectmanager. Omdat ik het schrijven begon te missen, ging ik dat naast mijn werk doen voor Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, en voor het apostolische Ons Maandblad. Via een buurman ging ik ook voor de Dierenbescherming schrijven, en uiteindelijk werd ik politicus voor de Partij voor de Dieren. Op dit moment ben ik vogelgids en schrijver van natuurboeken. De liefde voor de natuur was er altijd al, maar is steeds explicieter geworden.”

 Niets én alles 
“Toen ons eerste kind kwam te overlijden, ervoer ik troost in de natuur. Ik besefte deel te zijn van de kringloop van het leven: alles is vergankelijk, groeit, bloeit en sterft. Waarom zou dat bij mij anders zijn? Als mens ben je geen uitzondering, je bent net zo goed afhankelijk van de omstandigheden. Filosoof Blaise Pascal zei: De mens is een niets ten opzichte van het oneindige, en een alles ten opzichte van het niets; een midden tussen niets en alles, en oneindig ver verwijderd om die uitersten te begrijpen. In de natuur ervaar ik dat ik deel ben van iets dat mij overstijgt.” 

De verwondering blijft 
“Als apostolische ben ik opgevoed met de overtuiging dat alle levende wezens voortkomen uit één oerbron. Ik wil dat graag zo zien. Geloof ik in God? Als je me dat vraagt, aarzel ik: nee, niet in traditionele zin. God is niet tastbaar. Wel vind ik het een behulpzaam woord om te benoemen dat er één oorsprong is van alles. Met kennis van de evolutie kun je het raadsel niet verklaren. Als je alles afpelt, blijft nog de verwondering, en die wil ik ook opwekken bij anderen. Ik denk dat als je de ogen opent van andere mensen, zij dan ook anders omgaan met de natuur en andere dieren dan wijzelf.” 

 Hoe diverser hoe beter 
“Ik gun het iedereen om in het groen te wonen. Als politicus zette ik me er ook voor in dat er meer groen in de straat komt, veel meer bomen. Verschillende bomen, niet allemaal dezelfde. In ziekenhuizen met meer groen zijn mensen blijer en genezen ze sneller. Andersom is het zo dat ons welzijn eronder lijdt als we ons leven zo inrichten dat we het contact verliezen met de natuur. Het contact met de natuur moeten we herstellen. Vanuit die gedachte schrijf ik artikelen en boeken, en geef ik natuurexcursies.”